Vleesetende planten

Vleesetende planten worden ook wel carnivore planten genoemd. Deze planten halen hun voedingstoffen zowel uit de grond als uit kleine insecten en spinnen. De vleesetende planten vangen deze diertjes elk op hun eigen manier, waaronder dichtklappende vangbladeren, klevende bladeren, bekervormige bladeren waarin de diertjes worden gevangen. Er zijn voornamelijk 6 families van de vleesetende planten: Lentibulariaceae, Byblidaceae, Cephalotaceae, Nepenthaceae, Sarraceniaceae en Droseraceae. 

Verzorgingstips

  1. Zet de plant op de zonnigste plek. Zolang de planten over voldoende water beschikken is felle zon zelfs zeer welkom. 
  2. Laat de potgrond nooit uitdrogen en geef geen water op de plant, maar in de schotel. 
  3. Zet de plant in een wijde schotel met een laagje water. Hoe groter de pot, bak of schaal, hoe minder snel deze zal uitdrogen. 
  4. Gebruik bij voorkeur regenwater of zacht leidingswater. De planten verdragen geen kalk. 
  5. Geef nooit plantenvoeding. 
  6. Verpot de vleeseters om het jaar in grove turf. De beste periode hiervoor is het voorjaar. 
  7. Verwijder afgestorven bruine blaadjes of kelken om schimmelgroei te voorkomen. 
  8. Geef de planten in de winter minder water, zodat de grond matig vochtig blijft.